Bierbrouwerij de Leeuw

Categorie: Brouwerijhuurder
Groep : Co.Br.Ha (Haacht)
Opgericht: 1886
Jaarproduktie: 90000 hl.
Gesloten: 2005
Provincie: Limburg
Postadres:
Postbus 815
6300 AV Valkenburg aan de Geul
Telefoon: 043-6098888
Fax: 043-6098889
URL: http://www.leeuwbier.nl
@mail: info@leeuwbier.nl
Brouwerijfoto's van deze brouwerij
Etiketten van deze brouwerij

Over de brouwerij

In 1871 werd in Aken een brouwerij opgericht met de naam "Dortmunder Brauhaus". Men had bij de oprichting hiervan grote verwachtingen van een bloeiende export van bier naar overzeese werelddelen. Het bleek echter al snel dat de handel via Nederland diverse moeilijkheden met zich mee bracht.
Hierdoor kwam de directie op het idee om net over de grens op een strategische plaats een nevenvestiging te openen. om op deze wijze de import en export van en naar Nederland te vergemakkelijken.
Op 17 september 1886 stuurt Heinrich Dittmann zijn 23-jarige neef Wilhelm Dittmann vanuit Aken naar Valkenburg om op zoek te gaan naar een geschikte locatie voor een nevenvestiging van de Aachener Export Bierbrauerei Dittmann & Sauerländer AG.In die tijd werd veel bier geëxporteerd naar Nederlands-Indië, vandaar dat het plan ontstond om in Nederland een dochteronderneming te vestigen. Voor de som van 10.000 gulden kocht Wilhelm Dittmann die dag een perceel aan de Plenkertstraat, inclusief een molen aan de Geul waarin hiervoor een kruitfabriek en daarna een paperfabriek was gevestigd. Wilhelm Dittmann koos bewust voor deze locatie. Valkenburg lag op een steenworp afstand van Aken pal aan de, in 1853 aangelegde, spoorlijn Aken-Maastricht, die aansluiting gaf op verbindingen met Amsterdam, Rotterdam en Antwerpen. Het monumentale waterrad van de oude kruitmolen (gebouwd in 1821) kon voor een deel de (goedkope) energie leveren. Op 11 januari 1887 verleende het gemeentebestuur van Houthem vergunning voor "een bierbrouwerij tot het brouwen van alle biersoorten, waarbij de noodige beweegkracht zal worden ontleend aan het water van de Geul, met bijpassing desnoods van stoomkracht". Op 8 februari 1887 passeerde de vennootschapsakte waarin "De Valkenburgsche Leeuwen Brouwerij, Dittmann & Sauerländer Actiën Maatschappij" werd genoemd. Reeds in de eerste maanden van 1887 werd de brouwerij in gebruik genomen. De produktie lag met 15.000 hl. beduidend hoger dan die van de brouwerijen in de omgeving, hetgeen vooral te danken was aan de hoge graad van mechanisatie. De brouwerij was ee, voor die tijd, zeer moderne brouwerij, waarbij gebruik werd gemaakt van een stoommachine.
De Valkenburgse brouwerij werd steeds minder afhankelijk van het moederbedrijf in Aken. Een hoogwaardig Dortmunder bier werd zelfs 'geëxporteerd' naar de regio's Tilburg en Nijmegen. In 1906 had de brouwerij een produktie van 17.313 hl. In 1909 kreeg, de uit Houthem afkomstige, Frijns de leiding over de brouwerij. Hij deed er alles aan om de brouwerij zelfstandig te maken, waardoor een conflict ontstond met de directie in Aken. De brouwerij in Valkenburg werd echter rendabeler dan het moederbedrijf in Aken. Dit had verstrekkende gevolgen voor de Duitse brouwerij. In 1909 had de Akense brouwerij een schuld van één miljoen Mark. Dat het bedrijf in Aken nog ruim 10 jaar het hoofd boven water heeft weten te houden was te danken aan Ludwig Sauerländer jr., die van 1893 tot 1897 hoofd in Valkenburg was en in 1909 de leiding in Aken op zich nam. De eerste wereldoorlog werd fataal voor de Akense brouwerij. De bedrijfsresultaten waren zo tegenvallend dat besloten werd het bedrijf op 5 augustus 1920 te liquideren. Maar gelijktijdig werd besloten de vestiging in Valkenburg te laten voortbestaan.
In 1919 kreeg Frans Smeets, telg uit een Valkenburgs brouwersgeslacht, de leiding over de Limburgse brouwerij. Onder zijn leiding werd De Leeuw, vanaf dat moment de officiële naam, een welvarende brouwerij. De brouwerij begon aan een ware opmars. De jaaromzetten groeiden gestaag: 14.172 hl. in 1921, 24.307 hl. in 1930, 40.000 hl. in 1964, 67.628 hl. in 1978, 91.000 hl. in 1985, 97.000 in 1986, 100.000 hl. in 1988, 120.000 hl. in 1990 en 150.000 hl. in 1995.
Vooral Lager en Pilsener bier waren in trek. Directeur Smeets vergat niet om aan de toekomst te denken, tussen 1921 en 1930 werd voor ruim 330.000 gulden uitgegeven aan renovaties. Kort nadat het ambitieuze investeringsprogramma was afgerond was de gouden tijd, als gevolg van een economische crisis, voorbij. De brouwerij beschikte nog net op tijd over een nieuw brouwhuis (dat compleet met installaties 87.000 gulden had gekost), een nieuwe krachtinstallatie en een vergrote gistkelder. Directeur Frans Smeets kwam plotseling op 18 november 1932 te overlijden.
Op 28 mei 1933 werd de leiding overgenomen door een directeursduo: Jan Philips kreeg de administratieve leiding en Paul Chambille - telg uit een Maastrichts brouwersgeslacht - werd de technisch-commerciële leider. Het duo leidde de Valkenburgse brouwerij door de moeilijke dertiger jaren. Ofschoon de tijd niet erg gunstig was ging ook de nieuwe directie door met investeringen. Er verrees een nieuw gebouw met daarin ruimten voor kantoren, laboratorium, ontvangstzaal, expeditie, werkplaatsen, magazijnen, archiefbewaarplaats en autogarage. In juli 1936 werd het feestelijk in gebruik genomen.
Uiteraard verliep de stijging van de bieromzet in de loop van de jaren niet altijd in een stijgende lijn. Bierbrouwerij De Leeuw kende, zoals elk bedrijf, ook haar dalen. Aan de vooravond van de tweede Wereldoorlog werd 18 procent van de totale omzet buiten Limburg afgezet, een voor die tijd opmerkelijk resultaat. De oorlog gooide echter roet in het eten. Tekort aan grondstoffen legde het brouwproces welhaast plat, totdat in de bevrijdingsperiode de geallieerden zorgden voor nieuwe voorraden. Het boekjaar 1944/1945 werd een recordjaar voor De Leeuw. De productie steeg naar ongekende hoogte, namelijk 40.000 hl. Het einde van de oorlog betekende tegelijkertijd een ramp voor de brouwerij: terugtrekkende Duitsers laten de brug over de Geul springen, waarbij de brouwerijgebouwen veel schade oplopen. Tot overmaat van ramp stort een brandende benzinetank uit een vliegtuig op het nieuwe gebouw neer, dat een prooi van de vlammen wordt. Het hele archief, de kantoorinventaris, de werkplaatsen en de voorraden gaan verloren.
Ook wat betreft de omzet zijn de daaropvolgende jaren voor De Leeuw alles behalve rooskleurig. De oorzaak lag in de dramatische teruggang van de bierconsumptie na de oorlog. De dalende produktie bereikte een dieptepunt in 1953 toen nog slechts 17.319 hl. werd omgezet. Achteraf gezien was de periode 1945-1960 de meest kritieke periode voor De Leeuw, maar wederom overwint de brouwerij deze mindere periode. Het dieptepunt bleek tevens het keerpunt: in 1960 was De Leeuw weer helemaal uit het dal geklauterd.
Op 1 mei 1958 maakten de directeuren Chambille en Philips plaats voor een jonger duo: Hačs Chambille en drs. Jan Scheurs. Het duo onderkende dat de brouwerij een nieuwe tijd alleen kon overleven als er doorlopend sprake zou zijn van expansie. In deze tijd werd een nieuw biertype geintroduceerd: Super Leeuw, een blond bier met een iets hoger alcoholpercentage van het Dortmunder-type. Het bier werd op de Olympiade in Brussel op 6 januari 1962 met de hoogste prijs bekroond.
Vanaf 1960 begint de geleidelijke opmars naar een grotere omzet en een landelijke spreiding van de produkten van De Leeuw. De omzet steeg van minder dan 30.000 hl. in 1960 naar 44.000 hl. in 1964. Buiten de gewone pilsener worden nieuwe producten op de markt gebracht. De Super Leeuw en later de Jubileeuw en uiteindelijk Valkenburgs Wit blijken een schot in de roos te zijn. Het publiek kreeg stilaan de smaak te pakken van het Limburgse bier. Groei en spreiding werden vanaf 1978 vooral bereikt door meer afzet in horecazaken buiten Limburg. Tilburg en Nijmegen waren al veel eerder met het Leeuw-bier bekend, daar kwamen spoedig de rayons Groningen en Utrecht bij. Korte tijd later volgden ook andere provincies. Vanaf 1978 kwam dat ook tot uitdrukking in de omzetcijfers. De jaarlijkse stijging bedroeg gemiddeld 4%. Van 67.628 hl. in 1978 naar 91.000 hectoliter in 1985.
Eind 1979 kwam plotseling directeur drs. Jan Scheurs te overlijden. In 1980 werd hij opgevolgd door drs. Hans Tax. Ook hij stierf plotseling in 1983. Op 1 maart 1984 werd drs. Jacques Janssens tot directeur benoemd.
Het 100-jarig bestaan van de brouwerij werd in 1986 gevierd. Voor die gelegenheid werd een nieuw bier gečntroduceerd: Jubileeuw. Datzelfde jaar werd Paul Janssen algemeen directeur van De Leeuw. Brouwmeester in die tijd was de Belg Erik Claerman. Onder zijn leiding verlieten op 7 januari 1991 de eerste vaten Valkenburgs Wit de brouwerij. In deze periode brouwt de brouwerij maar liefst zeven verschillende bieren: Leeuw Pilsener, Leeuw Oud Bruin, Venloosch Alt, Super Leeuw, Leeuw Bockbier, Jubileeuw en Valkenburgs Wit.
De heer de Beaumont was van 1945 tot 1987 bedrijfsleider en brouwmeester in de brouwerij en tevens creator van Super Leeuw (bekroond in 1962). De heer de Beaumont heeft een significante bijdrage geleverd aan de historie van Bierbrouwerij De Leeuw.
In 1988 werd de mijlpaal van 100.000 hectoliter behaald terwijl de omzet nog altijd stijgende was. Ondanks de concurrentie van de grote brouwerijen heeft De Leeuw lange tijd volledig onafhankelijk geopereerd en het streven was dit ook zo te houden. Er waren toen 70 personen in de brouwerij werkzaam. Het ging die periode de brouwerij niet voor de wind. Voor Aldi vulde De Leeuw Karlsquell Pilsener af. De vergoeding van Aldi zakte tot onder de kostprijs. 25 procent van de toenmalige produktie kwam op het conto van Karlsquell Pilsener. Het contract met Aldi werd opgezegd, waardoor de omzet zakte van 140.000 hl. naar 90.000 hl.
Paul Janssen kwam in gesprek met Frédéric van der Kelen van de Belgische Brouwerij Haacht of beter gezegd van Co.Br.Ha. (société Commerciale de Brasserie - brouwerij Handelsmaatschappij) uit Brussel, waarvan Brouwerij Haacht een dochteronderneming is. Haacht was op dat moment de derde brouwerij van België, na Interbrew en Alken-Maes. In maart 2000 was de overname van de brouwerij door Co.Br.Ha. een feit.
In 2000 kwam Erik Claerman, toenmalig brouwmeester, te overlijden. Zijn collega-brouwmeester aanvaardde een jaar later een functie elders. De nieuwe brouwmeester werd de Belg Karel Vermeiren.
In oktober 2001 volgde Harry Wijdeveld, na eerst enkele jaren de functie van adjunct-directeur te hebben vervuld, Paul Janssen op als directeur. Ten gevolge van een verschil van inzicht met het Belgische moederbedrijf over het te voeren beleid trad hij per 1 juli 2002 weer af. Peter Peeters (bekend van Koningshoeven) was vervolgens enige tijd interim-directeur om per 1 november 2002 plaats te maken voor de nieuwe directeur: Jan Vermeer (1952). Jan Vermeer was afkomstig van de Brand Bierbrouwerij waar hij 21 jaar werkzaam was, achtereenvolgens in PR-Hospitality, in een commerciële functie, als districtverkoopleider en uiteindelijk als verkoopleider Zuid-Nederland.
Op 13 april 2002 overleedt Hačs Chambille, oud-brouwer en oud-directeur van de brouwerij. Hij werd 81 jaar. In 1958 volgde hij zijn vader Paul Chambille op als directeur van de brouwerij en bleef een directie-functie vervullen tot 1986. Dat jaar vierde de brouwerij haar 100-jarig bestaan. In de periode dat Hačs directeur was steeg de jaarproduktie van 22.000 hl. in 1958 tot 97.000 hl. in 1986.
Onder Jan Vermeer werd het contract met Aldi opgezegd, waarmee 20 tot 30 procent van het gehele brouwvolume werd ingeleverd. Ook de bottellijn, die op dat moment nog maar twee dagen per maand draaide, werd stilgelegd. De brouwerij mag met recht een horeca-brouwerij worden genoemd: 70% fust en 30% fles. Sinds juni 2003 worden de producten verpakt bij het zusterbedrijf Haacht in België. De productie bleef echter in Valkenburg. Met dit besluit gingen er 20 banen verloren op de locatie in Valkenburg, waarvan drie medewerkers een andere baan vonden binnen de brouwerij. Vanaf dat moment waren er nog 75 medewerkers werkzaam in Valkenburg. In 2003 bedroeg het Nederlands marktaandeel van de brouwerij 1%. Na filtratie wordt het bier in tankauto's naar Boortmeerbeek (bij Haacht) gebracht om aldaar te worden afgevuld in fles en fust. Vanuit Haacht worden, naast de speciaalbieren van Haacht (w.o. Tongerlo), de bieren van De Leeuw gedistribueerd naar de drankenhandelaars in Nederland. Omdat het bier dat naar de tankbierklanten van De Leeuw gaat niet verpakt hoeft te worden wordt dit bier rechtstreeks vanuit Valkenburg gedistribueerd. Door het uitbesteden van de verpakking aan de zusterorganisatie worden er aanmerkelijke bezuinigingen gerealiseerd.
Het voor het brouwproces benodigde water is afkomstig uit een eigen bron, die zich op een diepte van 100 meter bevindt en vlakbij de ingang van het terrein gelegen is.
In februari 2005 maakte brouwerij De Leeuw bekend zich terug te trekken van de niet-Limburgse markt. Dat besluit is genomen door de eigenaar van de Valkenburgse brouwerij, het Belgische Haacht. Behalve in Limburg, was Leeuw op dat moment vooral actief in een deel van de Randstad en in mindere mate rond Amersfoort en Groningen. De huidige eigenaren van Leeuw zien daar geen brood in. De distributie van Leeuw-bier buiten Limburg wordt overgenomen door Grolsch en zal volgens directeur Roger Portauw van Haacht geleidelijk afnemen. Op dit moment werken 24 mensen voor De Leeuw. In 2000, toen Haacht de brouwerij in Valkenburg overnamen, waren dat er nog 95. Grolsch hoopte hiermee een (grotere) voet aan de grond te krijgen in Amsterdam. In 2005 had De Leeuw 200 gelegenheden boven de rivieren en 400 onder de rivieren.
Op 12 oktober 2005 werd bekend gemaakt dat Bierbrouwerij De Leeuw de brouwactiviteiten in Valkenburg staakt. Deze activiteiten verhuisden naar het Belgische moederbedrijf (Haacht). 9 van de 21 medewerkers verliezen hiermee hun baan. Wel blijven de administratie en de commerciële activiteiten van Bierbrouwerij de Leeuw in Valkenburg. Dat biedt nog werk aan 12 mensen.
De Valkenburgse burgemeester Constant Nuytens onderzoekt mogelijkheden om de brouwerij voor Valkenburg te behouden. Naar het zich laat aanzien zal er woningbouw op het terrein gaan plaatsvinden, waarbij het de bedoeling is het historische deel, de brouwerij, overeind te houden.
Op maandag 28 november 2005 maakte Jan Vermeer bekend per 1 januari 2006 op te stappen als directeur van Bierbrouwerij De Leeuw. Jan Vermeer gaf hierbij aan dat hij het betreurt dat in de tijd dat hij directeur was van de brouwerij alle verkooppunten van De Leeuw boven de grote rivieren aan Grolsch werden verkocht, vervolgens de bottelarij in Valkenburg werd gesloten en uiteindelijk ook de productie van bier werd overgeheveld naar België. Jan Vermeer werd vervolgens met ingang van woensdag 30 november 2006 door De Leeuw op non-actief gesteld wegens verschil in inzicht in het te voeren beleid. Kort hierna trad hij in dienst bij de Gulpener Bierbrouwerij alwaar hij verantwoordelijk werd voor de horeca-activiteiten van de brouwerij.
Kort na het vertrek van Jan Vermeer werd bekend dat De Leeuw in Valkenburg wordt omgebouwd tot toeristische stadsbrouwerij. Het Belgische moederbedrijf Haacht wil de brouwerij, waar al 120 jaar bier geproduceerd wordt, op die manier voor Valkenburg behouden. De bedoeling is dat er straks alleen nog -
op kleine schaal- speciaalbier wordt gemaakt. De stadsbrouwerij moet gerund worden volgens "een toeristisch concept", zegt woordvoerder J.Roijen van De Leeuw. Toeristen en andere bezoekers krijgen tijdens een rondleiding informatie en uitleg over het brouwproces en kunnen na afloop bier proeven. De stadsbrouwerij zal werk gaan bieden aan één of twee mensen.
Nu Haacht wil meewerken aan de omvorming van de Valkenburgse vestiging tot toeristische stadsbrouwerij blijft het monumentale brouwhuis behouden. Er zal straks 15.000 hectoliter bier per jaar gebrouwen worden in de Valkenburgse vestiging.
Voordat de stadsbrouwerij van start kan gaan, moet het pand nog flink verbouwd worden. "Omdat een deel onder monumentenzorg valt, kan dat nog wel even duren", verwacht Roijen. "We moeten aan allerlei bouwkundige eisen voldoen. Terecht overigens." Hoeveel geld met die verbouwing gemoeid is, is nog niet duidelijk.
Een deel van het Leeuwcomplex is bouwkundig niet interessant en zal gesloopt moeten worden. Bij Haacht hebben zich al verschillende belangstellenden gemeld voor het vrijkomende terrein. "Woningbouw of kantoren behoren zeker tot de mogelijkheden in dit gebied", zegt bestuurder R.Portauw van Haacht. Hij verwacht over een paar maanden meer te kunnen vertellen over de toekomstige ontwikkelingen in dit gebied. De stadsbrouwerij moet zichzelf wel kunnen bedruipen, zegt Portauw. Haacht zal er geen geld bij doen. "Wij zijn een commerciële instelling. Wij moeten winst maken."
Burgemeester C.Nuytens van Valkenburg aan de Geul pleit al langer voor het behoud van de brouwerij voor zijn gemeente. Hij is al een aantal keren bij brouwerij Hertog Jan in Arcen-Velden gaan kijken. Daar wordt ook via een toeristisch concept bier gebrouwen. Jaarlijks komen daar tussen de 30.000 en 40.000 bezoekers kijken.
Op 27 maart 2006 werden drie grote biertanks ontmanteld en weggehaald. Grote tanks met elk een inhoud van 1650 hectoliter en een gewicht van 15 ton. De twaalf meter hoge gevaartes zijn op transport gezet naar het moederbedrijf van De Leeuw, Haacht, in België. Daar werden ze een week later weer rechtgezet en in bedrijf genomen.



afb. 1: Bierbrouwerij De Leeuw B.V.

Bieren

Assortiment:
afb. 2: Leeuw Bier

cambrinus


E-mail: info@cambrinus.nl
URL: http://www.cambrinus.nl

Laatste update:  (GMT +1)

copyright © 1988 - 2016 Cambrinus.nl. Alle rechten voorbehouden.